Professionals in de vrouwenopvang hebben nog te weinig oog voor financiële aangelegenheden. Dit ziet een bewindvoerder die zich heeft aangesloten bij Eropaf! en die bij Sterk Huis werkt om de financiële dienstverlening te verbeteren. Financiële afhankelijkheid van de ex-partner en schulden maken het moeilijker om weer een zelfstandig bestaan op te bouwen vanuit de opvang.
[Dit artikel werd eerder gepubliceerd in Sozio – vakblad voor professionals in het sociaal domein en de zorg- en welzijnssector, november 2024.]
Relatie tussen financiën en huiselijk geweld
Vrouwen die ondersteuning zoeken in de vrouwenopvang hebben vaker te maken gehad met ernstige vormen van huiselijk geweld dan degenen die alleen contact hebben met veilig thuis. Vaak gaat het om psychisch geweld en meer dan de helft is fysiek mishandeld. Bijna een derde heeft een trauma (Luneman et al, 2021). Vrouwen hebben regelmatig geen inkomen of een inkomen onder het sociaal minimum. Daarnaast kan er sprake zijn van financiële isolatie en totale afhankelijkheid van de partner (Luneman et al, 2024). Bij deze laatste groep vrouwen gaat het om intieme terreur, een vorm van geweld waar controle en dwang een grote rol spelen. De gewelddadige partner verkleint hun wereld door contact met de buitenwereld te minimaliseren, vernedert hen en intimideert ze met fysiek en psychisch geweld. De partner controleert ook de financiën. De afhankelijkheid van de partner neemt door dit gedrag sterk toe. (Zie de factsheet intieme terreur van de VNG). Eenmaal in de opvang werkt de (ex-)partner hen op allerlei manieren tegen en probeert de dwang en controle in stand te houden, bijvoorbeeld bij omgang met de kinderen. De financiële controle gaat in de opvang gewoon door.
Is er sprake van situationeel geweld, ook deze vrouwen zoeken opvang, dan speelt de controle en dwang vanuit de (ex-)partner geen of een veel minder grote rol. Je ziet ook bij deze vorm van geweld dat er schulden zijn en dat de partner een definitieve scheiding tegenwerkt. Situationeel geweld ontstaat dan vaak uit onmacht en allerlei stressfactoren zoals schulden. Toch is ook de aandacht voor de financiële situatie van de vrouw van belang, omdat financiële zelfstandigheid bijdraagt aan een snelle uitstroom.
De meeste vrouwen in de opvang ervaren veel stress, die onder meer samenhangt met de mishandelingen en de armoede (Wolf et al, 2006). Daardoor zijn ze vaak niet zelfredzaam en hebben niet alleen hulp nodig bij de verwerking van alles wat ze hebben meegemaakt, maar ook bij het regelen van praktische zaken. Zonder die hulp, zegt de bewindvoerder, komen hun financiën niet op orde. Het duurt dan langer voor ze weer op zichzelf kunnen wonen.
Hier volgen een paar voorbeelden van zaken die financiële zelfstandigheid vertragen of in de weg staan. Een partner kan haar uitschrijven uit de BRP, basisregistratie persona, waardoor er geen recht meer is op een zorgverzekering en een uitkering. Regelmatig werkt de partner ook de scheiding tegen, waardoor eventuele schulden nog niet aangepakt kunnen worden. Roodstaan op een gemeenschappelijke rekening is een andere manier om de vrouw te chanteren en afhankelijk te houden.
Welke financiële problemen ervaren vrouwen eenmaal in de opvang?· Vrouwen hebben geen of onvoldoende eigen inkomen en hebben snel een uitkering nodig. · Vrouwen hebben geen (eigen) toeslagen bij instroom. · Vrouwen (en hun partner) hebben schulden. · Vrouwen weten niet dat ze hun eigen bijdrage moeten betalen, waardoor schulden ontstaan of toenemen. · De schulden in de opvang nemen toe door de (ex-)partner, doordat ze in gemeenschap van goederen getrouwd zijn/samenleefden. Een snelle scheiding is van belang om financieel zelfstandig te kunnen functioneren. · De (ex-)partner werkt de scheiding tegen en houdt controle op de vrouw via de kinderen. · Vrouwen hebben geen zelfstandige verblijfsvergunning. · De financiële deskundigheid van de werkers in de vrouwenopvang is nog niet voldoende en het belang van de financiële situatie op de veiligheid van vrouwen in de opvang wordt onderschat. · Er wordt nog te vaak eigen initiatief van de vrouwen die instromen verwacht, terwijl de regelgeving complex is en de vrouwen in een enorm stressvolle situatie zitten. |
Wet en regelgeving werkt(e) belemmerend voor vrouwen in de opvang
In 2017 publiceerde de Nationale Ombudsman een onderzoek naar de vrouwenopvang (Tusgul Broekhoven 2017). Het bleek dat veel vrouwen in de opvang onder de armoedegrens leefden. Sindsdien is veel ten goede veranderd. In 2019 is door de Ombudsman een vervolgonderzoek gepubliceerd (Tusgul Broekhoven 2019). Gemeenten hielden toen al meer rekening met de situatie van vrouwen in de vrouwenopvang bij het regelen van hun inkomen. Daarnaast is er meer contact tussen gemeenten en de vrouwenopvang. Na vijf jaar constateert de Nationale Ombudsman 2021 dat overheden en andere betrokken partijen zich nu echt bewust zijn van de problematiek waar vrouwen in de opvang mee te maken hebben. Toch blijven er knelpunten volgens de Ombudsman. De schulden van vrouwen nemen nog steeds toe in de opvang. Regelingen vanuit het Rijk en de gemeente blijven ingewikkeld. De uitstroom wordt belemmerd door het tekort aan woningen. En de procedure bij een scheiding houdt geen rekening met de gewelddadige situatie die de vrouwen in de vrouwenopvang zijn ontvlucht.
Financiële stabiliteit en schuldenWe werken tijdens de opvang aan financiële stabiliteit: zorgen voor een inkomen, de lopende lasten worden betaald en er wordt gespaard om na de opvang een financieel gezonde start te maken. Wanneer er schulden zijn, maken we eerst een overzicht en stellen in overleg met schuldhulpverlening een plan van aanpak op. Dit kan pas als de scheiding is afgerond, want pas dan krijg je een overzicht van de schulden. |
De stand van zaken in de opvang
Het onderzoek van de Landelijke Ombudsman uit 2017 heeft er mede toe geleid dat vier vrouwenopvang organisaties projecten hebben gestart om vrouwen in de opvang financieel te ondersteunen en uiteindelijk ook zelfredzaam te maken. Hieruit bleek al snel het belang van deze vorm van ondersteuning voor vrouwen. Vrouwen die instralen, moeten in eerste instantie ontzorgd worden. En daarom is het belangrijk dat er financiële expertise is binnen de vrouwenopvang organisaties waar de vrouwen terecht kunnen (Blijfgroep et al 2020).
In 2019 heeft Valente, de brancheorganisatie, een onderzoek laten uitvoeren naar schulden in de maatschappelijke opvang, begeleid wonen en de vrouwenopvang (Akkermans et al 2019). Ook in de andere vormen van opvang blijken schulden voor te komen en lopen ze soms op tijdens het verblijven in de opvang. De focus van werkers in de opvang is vaak meer gericht op de sociale dan op de financiële problematiek. Ook wordt in sommige instellingen hoge eisen gesteld aan de zelfredzaamheid van vrouwen. Sindsdien is door Valente een e-learning traject ontwikkeld om de deskundigheid van de werkers in de opvang op dit punt te verbeteren (Zie informatiekader). Voor de vrouwenopvang bestaat een specifieke aanvullende module. Verder is door Valente samen met de VNG de handreiking voor gemeente- en vrouwenopvanginstellingen ontwikkeld (Zie informatiekader).
Financiële veiligheid bij Sterk HuisToen de bewindvoerder in 2022 in de vrouwenopvanginstelling begon, lag de focus daar vooral op de sociale en psychische problematieken waar vrouwen en kinderen mee te maken hebben als ze weggaan bij een gewelddadig partner. Ze benadrukt dat dit ook nodig is. Maar heel veel financieel-administratieve zaken hebben juist als doel om de veiligheid van het slachtoffer te waarborgen, zoals bijvoorbeeld het aanvragen van een nieuw postadres (zodat niet achterhaald kan worden waar iemand woont). Het niet werken aan financiële veiligheid heeft ook consequenties voor de uitstroom. De bewindvoerder vertelt dat er weinig mensen bij haar in de opvanglocatie waren die binnen zes maanden een uitkering hadden. Die konden dus ook niet uitstromen. Verwaarloosde schulden of het ontbreken van een zorgverzekering belemmeren de uitstroom ook. Als je een schuld bij de zorgverzekering niet regelt, komt er na zes maanden achterstand een aanmelding bij het CAK en kom je in de wanbetalersregeling. De hulpverleners in de opvang moeten de basiskennis hebben en doorverwijzen naar schuldhulpverlening. Zorgverzekering en het aanvragen van huur- en zorgtoeslag zijn kleine dingen die snel geregeld moeten worden door medewerkers in de opvang. Pas twee jaar later begonnen de medewerkers in deze opvanglocatie aandacht te krijgen voor de financiële aspecten van vrouwen die bij de opvang binnenkwamen. In de vrouwenopvang waar de bewindvoerder werkt, worden nu allereerst financiële intakes uitgevoerd, waardoor direct duidelijk wordt wat de stand van zaak is en wat er moet gebeuren. Nieuwe medewerkers zijn in deze instelling verplicht om het zogenaamde e-learning traject van Valente te volgen. Het is onbekend hoe ver andere instellingen in de vrouwenopvang zijn als het om aandacht voor dit onderwerp gaat maar ze heeft de indruk dat dat nog wel beter kan. |
Hoe verder?
Aandacht en begeleiding bij financiële zaken lijkt nog niet in alle vrouwenopvanginstellingen een vanzelfsprekendheid, terwijl het toch een van de controlemiddelen is die gewelddadige ex-partners inzetten, ook als de vrouw al in de opvang is. Ook als er geen sprake is van controlerend gedrag, is hulp bij financiële zaken vaak nodig en dreigt erbij aan een versnelde zelfstandigheid van de vrouwen. De regelgevingen over uitkeringen, toeslagen en scheidingen zijn complex en veel vrouwen hebben zoveel stress dat je niet direct zelfstandigheid op dit punt kan verwachten. Financiële veiligheid moet binnen de instellingen hoog op de agenda staan en is continue aandacht nodig.
Het voorbeeld van Sterk Huis laat zien dat het inbrengen van expertise op dit terrein financiële veiligheid op de agenda zet. De verplichting van nieuwe medewerkers om het e-learning traject van Valente te volgen draagt er ook aan bij. De regelgeving rond financiële zaken is zo complex dat specifieke expertise binnen de instelling nodig is om het proces te laten slagen. De vraag voor iedere instelling is, doen we genoeg en hoe zorgen we dat dit onderwerp bij onze medewerkers permanent aandacht krijgt.
Ook de opleidingen voor sociaal werk zouden nog eens kritisch naar hun opleidingsprogramma kunnen kijken aangezien deze basiskennis nu, behalve bij financiële juridische dienstverlening, in de opleidingen lijkt te ontbreken.
Ans Oudejans is sociaalwetenschappelijk onderzoeker.
Met medewerking van: Imelda Diepstraten, bewindvoerder en Catelijne Akkermans, sociaalwetenschappelijk onderzoeker.
Informatie:Factsheet Intieme Terreur: https://www.huiselijkgeweld.nl/documenten/2022/01/26/factsheet-intieme-terreur E-learning Begeleiding in Geld: https://www.e-learning-begeleiding-in-geld.nl Complexe scheiding vaak gepaard met geweld: https://www.movisie.nl/artikel/complexe-scheiding-vaak-gepaard-huiselijk-geweld |
Literatuurlijst:
Akkermans, C., & Huygen, A. (2019). Schulden in de opvang en beschermd wonen. Rotterdam: Sociaal Kabaal.
Blijf Groep, Arosa, Perspectief, Moviera (2020). Grip op Geld in de Vrouwenopvang.
Lünnemann, M, Lünnemann, K., & Compagner, M. (2021). In de lift: een cohortstudie naar de effecten van de Oranje Huis aanpak. Utrecht, Verwey-Jonker Instituut.
Lünnemann, K., Lünnemann, M., & Steketee, M. (2024). Patroon van dwang en controle is genderspecifiek: Verdiepende analyse derde cohortstudie wat betreft het patroon van controle en dwang onder cliënten Veilig Thuis. Utrecht, Verwey-Jonker Instituut.
Nationale ombudsman (2021). Waarom vrouwen in de opvang de Nationale ombudsman hard nodig hebben. Reconstructie: vijf jaar onderzoek en resultaten.
Tuzgöl-Broekhoven, A., et al. (2017). Vrouwen in de knel. Onderzoek naar knelpunten in de vrouwenopvang. Nationale Ombudsman, Den Haag.
Tuzgöl-Broekhoven, A., et al. (2019). Vrouwen uit de knel. Het vervolg. Onderzoek naar knelpunten in de vrouwenopvang. Nationale Ombudsman, Den Haag.
Wolf, J., et al. (2006). Maat en Baat in de vrouwenopvang: onderzoek naar vraag en aanbod. Amsterdam, SWP.




