Sleutelen aan het doe-vermogen van burgers – Verslag van de participatielezing door Mark Bovens

Door Eileen Berkvens

Vrijdag 26 januari 2018 vond de eerste ‘participatielezing’ van Movisie plaats. Movisie houdt zich bezig met allerlei thema’s binnen het sociale domein en organiseert hier ook vaak kennisbijeenkomsten voor. Als spreker nodigden ze deze keer Mark Bovens uit. Hij is onderzoeker bij de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) en heeft een onderzoek begeleid naar het ‘doe-vermogen’ van burgers.

De rapportage van de WRR, en ook de presentatie van Bovens legt het ‘doe-vermogen’ uit als het vermogen van burgers om te begrijpen wat er moet gebeuren en dit begrip ook om te zetten in gedrag. Mensen die werkzaam zijn in het sociale domein zullen dit spanningsveld herkennen: enerzijds kunnen klanten best begrijpen wat nodig is, maar anderzijds lukt het hen niet altijd om er actie op te ondernemen. Denk bijvoorbeeld aan de mensen die heel goed weten welke stappen ze zouden kunnen zetten om ervoor te zorgen dat hun huis niet vervuilt, maar er toch niet in slagen om alle zakken met spullen op te ruimen. Of dichter bij huis: de kennis hebben om een gezonder dieet aan te nemen, maar er niet in slagen om appels te eten in plaats van koekjes.

Burgers hebben in hun relatie tot de overheid ook nogal wat doe-vermogen nodig. Men moet om de haverklap formulieren invullen en aanleveren, controleren of het inkomen nog wel klopt om aanspraak te maken op subsidies en ervoor zorgen dat belastingen op tijd betaald en ingevuld worden. Het heeft vaak ernstige (financiële) gevolgen als burgers dit soort acties verzaken.

Regelstructuur opnieuw inrichten

De WRR suggereert dat de overheid haar regelstructuur zo moet inrichten dat het altijd goed gaat als een burger geen acties uitvoert. De keuzearchitectuur moet zo zijn vormgegeven dat mensen standaard voor hun situatie de juiste beslissing nemen. Bovens gaf het voorbeeld van het aanvragen van kinderbijslag. Boven een bepaalde inkomensgrens moet men alles terugbetalen, en dat is behoorlijk ongunstig. Tegenwoordig kunnen mensen die tegen de inkomensgrens verdienen, bij hun aanvraag van kinderbijslag aanvinken of ze hun inkomen €1000,- hoger willen inschatten. Dit verkleint de kans aanzienlijk dat ze later per ongeluk teveel verdiend hebben.

Eropaf! was door Movisie gevraagd om het verhaal van Bovens aan te vullen met ervaringen uit de praktijk van financieel zelfbeheer. Er bleek een belangrijke overeenkomst te zijn tussen de aanbevelingen van de WRR en het project financieel zelfbeheer. Beide organisaties pleiten voor een meer ‘realistisch’ perspectief op het vermogen van burgers om verstandige beslissingen te nemen. Op dit moment is veel beleid ontwikkeld vanuit de filosofie dat burgers genoeg hebben aan de juiste informatie en dan als vanzelf het meest positieve gedrag gaan ontwikkelen.

Lastig om de juiste beslissingen te nemen

Het project financieel zelfbeheer is daarentegen ontwikkeld vanuit het inzicht dat mensen met schulden het heel lastig vinden om de juiste beslissingen te nemen, maar dat dit met de juiste ondersteuning vaak wel kan lukken. Ondersteuning zit hem in het oefenen van nieuw gedrag. Vaak zijn mensen onzeker over hun vermogen om zelf hun financiën te organiseren, ze vinden het bijvoorbeeld lastig om met schuldeisers te bellen en als ze een onhandige uitgave doen, dan balen ze van zichzelf. Door samen te werken aan een ‘can-do’ mentaliteit hopen we dat het mensen beter lukt om financieel handig gedrag te ontwikkelen.

Een belangrijk kritiekpunt van de WRR is dat ze nog geen interventies heeft gezien die mensen langdurig helpt met het aanleren van doe-vermogen. Het aanleren van een heel specifieke handeling werkt vaak wel. Het project financieel zelfbeheer worstelt ook met deze vraag. Daarom vroegen we tijdens de lezing aan Bovens naar zijn ideeën zijn over de impact van ons project. Bovens suggereerde daarop een breed onderzoek over het gehele land, waarbij een controlegroep zonder financiële ondersteuning moest zorgen voor een waterdichte dataset. Helaas, zo ver zijn we nog niet. Wel proberen we zo goed mogelijk bij te houden wat we doen, waar we tegenaan lopen en hoe we onszelf kunnen verbeteren.

Bovens wist de belangrijkste punten uit de WRR rapportage mooi samen te vatten en zette daardoor aan tot nadenken. Voor sociale professionals en voor geïnteresseerde mensen die niet aanwezig waren bij de lezing is de rapportage (en in elk geval de samenvatting), zeker de moeite waard om te bestuderen.

Volg ons:
© Stichting Eropaf! 2017